Kleindieren
Gedomisticeerde rassen.

Tot halverwege de vorige eeuw werden er in ons land tienduizenden tamme eenden gehouden voor de vlees, dons en eierprouctie. Spreeuwkoppen en krombekeenden waren bekende rassen. Daarnaast was er het Hollandse kwakertje dat 150 jaar terug werd gefokt als lokeendje in de vangkooien voor eenden.

In de de zeventiende eeuw zagen we op schilderijen van onze grote meesters de moeilijk te fokken tamme kuifeend.


Tegenwoordig ziet men ook verscheidene andere Europese rassen zoals de Rouaan-, Cambell- en Orpingtoneend. Aziatische rassen zoals de Indische Loop-, Peking- en Smaragdeend. Plus Amerikaanse rassen zoals de Muskus- en Cayuga-eend.


Oorspronkelijke rassen.
Naast de tamme (nuts)eenden worden rond 1800 allerlei in de natuur voorkomende watervogels uit de hele wereld in diverse mutaties geteeld. Het vraagt wat meer ruimte, specifieke voeding en andere aanpassingen om hier mee te kunnen fokken.
Bepaalde watervogels zijn in de natuur practisch uitgestorven maar worden in stand gehouden door dieren uit particuliere collecties.
Eenden om eenvoudig mee kunnen beginnen zijn de prachtig gekleurde manderijneend, roodschoudertaling en carolina eend.
Ganzen.
Ook de ganzen zijn te verdelen in de oorspronkelijke en gedomestiseerde rassen.

Per ras is het nog wel een beetje verschillend maar in doorsnee hebben ze een graasruimte nodig, minder behoefte aan een grote zwemruimte en kunnen in de broedtijd territoriaal gedrag vertonen.