logo

Historie

De Winschoter Pluimvee en Konijnenclub

De Winschoter Pluimvee en Konijnenclub (W.P.K.C) is opgericht op 2 augustus 1912.

 

Maar het had nog heel wat voeten in de aarde voor dat het zo ver was. Aanvankelijk zijn er de nodige onderlinge standsverschillen. Konijnen worden in de beginjaren vaak vanwege het vlees gehouden door mensen met een smalle beurs, terwijl kippenhouders er daarnaast eieren aan over houden. De eerste leden die zich met name sierduiven kunnen veroorloven, zijn de beter gesitueerden, want die dieren leveren immers niets. Winschoten heeft aan het begin van de vorige eeuw een onderafdeling van de Vereniging tot bevordering der Pluimveehouderij en Tamme Konijnenteelt Nederland, afgekort VPN.

 

De in 1901 opgerichte organisatie stelt zich ten doel om van het fokken van pluimvee en konijnen als winstgevende bedrijfstak verder te ontwikkelen. Ze brengt verbeteringen aan in de bedrijfsvoering, verzorgt cursussen, geeft lezingen en adviseert over de juiste kippen voor de productiesector.

De VPN, met in 1909 landelijk 13000 leden, heeft echter niet veel op met de meeste Nederlandse kippenrassen. Het landhoen was te iel, legde erg kleine en te weinig eieren en bovendien liet de slachtwaarde te wensen over.

 

In 1912 telt de VPN in Winschoten 186 leden, die zich allemaal met de zogenaamde nutsfokkerij bezig houden. Daardoor rijst bij een aantal Winschoters het plan om een vereniging voor enkel sportfokkers op te richten. En zo zoeken de heren Steenhuis, Huizinga en Kruse contact met vogelliefhebber K.E.Witkop. Onder zijn leiding wordt op 2 augustus 1912 in Hotel Smid aan de Langestraat de oprichtersvergadering van de Winschoter Pluimvee en Konijnenclub (WPKC) gehouden. Dit gebeurt in aanwezigheid van 23 enthousiastelingen.

 

Er wordt een voorlopig bestuur gevormd, met Witkop als voorzitter en H. Steenhuis, E. Huizinga, J. Bollegraaf en U. Harms als bestuursleden.

Het gezelschap besluit om in het vervolg maandelijks te vergaderen.  Tijdens de bijeenkomst van 7 november 1912 wordt een garantiefonds voor het houden van een tentoonstelling in het leven geroepen. Staande de vergadering worden door de leden 110 aandelen, groot 1 gulden, getekend.

Daarnaast wordt een commissie benoemd, die een tentoonstelling van kippen, duiven, eenden en konijnen moet gaan organiseren.

 

 

Eerste tentoonstelling

In het raadsverslag van de gemeente Winschoten van 22 november 1912 geeft het bestuur van de WPKC  ‘met  verschuldigden eerbied’ aan de ’Edelachtbaren heeren’  te kennen, dat  zij het plan heeft opgevat om,  op 22, 23 en 24 februari 1913 een nationale tentoonstelling van pluimvee en konijnen te organiseren in Hotel Smid. Zij heeft dit besluit genomen omdat de club het houden  ‘eener  jaarlijksche tentoonstelling zeer gewenscht acht, vooral in ’t belang der kippenhouderij te Winschoten en haar omgeving met haar rijke graanbouw, waar kippen als onmisbaar zijn, daar zij de eenige beesten zijn, die van verloren en vermorst graan een heerlijk spijs voor de menschen leveren.’

 

Een tentoonstelling in Winschoten, tenslotte het middelpunt van Oldambt en Westerwolde, zou volgens het bestuur zeer op zijn plaats zijn. ‘WPKC zal trachten alles zoo zuinig mogelijk te regelen, om de tentoonstelling, naar haar financiële krachten, zoo grootsch mogelijk te maken.’

 

Ook in Groningen wordt dat jaar tijdens de beide Kerstdagen een groot opgezette pluimveetentoonstelling gehouden.

Hier bemachtigt , de Winschoter fokker, N. Verkaik drie eerste prijzen, terwijl G.Baas, E. Huizinga en H. Steenhuis ieder twee eerste prijzen krijgen uitgereikt.

Ondertussen worden ook de minder bedeelden in Winschoten door de WPKC niet vergeten.

De vereniging stelt eieren beschikbaar voor zieken en kraamvrouwen, die door de plaatselijke vrouwenvereniging worden verdeeld.

De gemeenteraad van Winschoten besluit op 30 december 1913 vijftien gulden te subsidiëren aan de vereniging.

 

Wil men zich verder verdiepen in de historie van de WPKC,  hierover kan men het Jubileumboek ‘Een eeuw lang liefhebberij voor het dier,’  raadplegen.

bron: Jubileum uitgave ‘Een eeuw lang liefhebberij voor het dier’, geschreven door W.Klijnstra.