WPKC


Go to content

Geert Siemons

Aktueel


Met Geert Siemons van Midwolda naar Fredicia.


Aan de hoofdweg in Midwolda woont de gewezen huisschilder Geert Siemons. Internationaal topfokker van het Nationale Deense duivenras, de Deense Tuimelaar. Verschillende Europese topduiven in diverse kleurslagen bevolken zijn ruime hokken.
Deze gepensioneerd huisschilder, enthousiast vertellend over zijn sierduivensport, waarschuwt mij een paar keer voor pasgeverfde drempels. Hij is een perfectionist met oog voor schoonheid.


Schoonheid
Het is de uitgesproken kop met de "belijning"van de snavel die de duif voor Geert aantrekkelijk maakt. De slanke, krachtige en vooral elegante houding maken deze duif tot een sierraad. Je ziet de schoonheid van de Deense Tuimelaar of je ziet het niet volgens Geert. Het is echt een uitgesproken ras voor de liefhebbers.

Deze levendige duif met een eeuwenlange geschiedenis en altijd populair in haar thuisland Denemarken, werd eind jaren '70 door Geert aangeschaft. Ruim tien jaar verbleven ze in zijn hokken. Familieleden en kennissen haalden hem over om postduiven te gaan houden maar het bloed kroop waar het niet gaan kon. Duiven trainen voor de wedvluchten was zijn ding niet. Geert wil met duiven kunnen praten en ze trainen met een keurstokje om hun schoonheid te kunnen leren showen.

Geert besteed een uurtje tijd per dag aan zijn 18 fokkoppels, maar in zijn hoofd is hij er de hele dagen meer of minder mee bezig. Voortdurend overlegt hij en kijkt Geert bij collega fokkers wat de wijsheid in de fokkerij is. Als voeding zorgt hij voor een goede zadenmengsel, aangevuld met maagkiezel, grit en mineralen in de ruime hokken.

Kampioenen
In 1994 kocht hij weer Deense Tuimelaars. Al vlot was hij succesvol op de shows van WPKC in Winschoten. Zijn Kleindieren vereniging waar hij als kleine jongen van acht jaar al naar de shows ging kijken en hij nu meer dan dertig jaar lid is. In vlot tempo volgenden er kampioensprijzen en ereprijzen in heel Nederland, Duitsland en Denemarken. De hoogst haalbare oorkondes van de Landelijke Speciaalvereniging, de Deense Tuimelaars Club opgericht in 1964, behaalde hij een aantal jaren achter elkaar. De landelijke overkoepelende Nederlandse Bond van Sierduivenliefhebbers hebben Geert in 2000 het Kampioenscertificaat met de zilveren NBS medaille overhandigd. Het hoogst haalbare voor een fokker bij de NBS. De door hem gefokte kampioensduif en in zijn eigendom, wordt dan door verschillende keurmeesters zeer streng beoordeeld op een aantal aangewezen grote landelijke Kleindierenshows.

Na een kennismaking in 2003 kwam Geert in 2005 met één zwarte doffer op de Europese Show te Fredericia in Denemarken. Meer dan honderd duiven met dezelfde kleur in zijn klasse en eigendom van gerenommeerde topfokkers, streden om het hoogst haalbare. De dieren werden gekeurd door de twee Deense grootheden Jørgen Vedel en Preben Strangärd. Geert werd met zijn kaalbenige Deense Tuimelaar zwartroek doffer uit Midwolda, Europees kampioen! Volgens insiders stak deze doffer in kwaliteit met kop en schouders boven de rest uit. De doffer moest ook wel wat extra hebben wilde hij kunnen winnen in het thuisland van dit Nationale duivenras.

Topfokkerij
De goede resultaten in zijn fokkerij veranderden Geert zijn positie in de duivenwereld, met name in de Deense Tuimelaars wereld. Eerst werd Geert getolereerd en "mocht" hij een duif kopen. Vervolgens werd hij geaccepteerd. Nu wordt hij zeer gewaardeerd. Internationale kampioensduiven worden hem gratis aangeboden om mee te kunnen fokken. Zijn eigen kampioensdoffer bewijst op dit moment zijn fokkwaliteiten in Denemarken.
Een kampioen showduif hoeft persé niet een goede fokduif te zijn volgens Geert. Hij kijkt als het ware door de lichte fouten van een fokduif heen en weet ze met een goed resultaat te paren en al jarenlang goede fokresulaten te verkrijgen. Het accent ligt onder anderen in de kopvorm, de kopbreedte en koplengte. Vervolgens volgt er een verhandeling over duivengenetica op hoog niveau, met termen als pareloog (helder melkwitte iris), rond achterhoofd, wel of niet bekousd (veren aan de poten), te veel horizontale houding en een aangelopen ondersnavel (donkere onderkant van de snavel) blijkt een ramp te zijn. Bepaalde kleurslagen blijken heel moeilijk te fokken volgens de rasstandaard die voor het laatst in 1957 werd aangepast. Een extra moeilijkheidsgraad in de fokkerij of een onmogelijkheid?

Geert is inmiddels vier jaar commissaris bij de speciaalclub, een hechte vriendenclub. Hij wordt uitgenodigd in binnen en buitenland bij topfokkers en shows. Op dit moment is hij net terug met een Nederlandse collega uit zuidoost Duitsland. Daar bezocht hij fokkers op hun prachtige fokkerijen en duiventuinen. "Duitsers besteden veel meer geld aan hun hobby" aldus Geert. Deze duiventuinen zijn eigendom van de overheid. Ze worden beheerd met een zeer goed geoutilleerde clubgebouw door echte sierduivenliefhebbers. Vergelijkbaar in Nederland met een volkstuinencomplex. Middels financiële faciliteiten van de lokale overheid worden sierduivenliefhebbers in hun "eigen" tuin gestimuleerd om met goede rasdieren te fokken in "vereinsverband".

Toekomst
Nu bereid hij zich voor op de clubshow van WPKC, eind november in Zuidbroek. Op de jongdierendag in Bellingwolde behaalde hij in de vereniging met de rood- en zwartroeken het hoogst haalbare. De tweede week in januari 2010 gaat hij dit jaar met een aantal dieren weer naar Fredericia in Denemarken. Zelfs sneeuwstormen, zoals hij in het verleden heeft ervaren, zullen hem niet kunnen weerhouden.

Bij mijn afscheid denk ik dat door het enthousiasmerende, het aimabele en de in het brein opgeslagen kennis/ervaring van deze topfokker, hem de successen door collega's graag gegund zijn.


Voorpagina | Start | Shows | Functies | Kleindieren | Aktueel | Agenda | Pers | Jeugd | Lidmaatschap | Links | Site Map


Back to content | Back to main menu